web analytics

Home » Statuten BOD84

Statuten BOD84

                                HOUTENSE BRIDGECLUB “BOD ’84”                           

STATUTEN EN HUISHOUDELIJK REGLEMENT  

De vereniging is opgericht op 31 januari 1984 bij welke op­richting tevens de statuten van de vereniging werden vastge­steld. De algemene vergadering van de vereniging, gehouden op 20 januari 1987 heeft met algemene stemmen besloten om artikel 3 van de statuten te wijzigen en de statuten op te nemen in een notariële akte. De statuten van de vereniging na invoering van de wijziging luiden als volgt:   STATUTEN   NAAM, ZETEL, DOEL EN DUUR  

Artikel 1 De vereniging draagt de naam Houtense Bridgeclub “BOD ’84”. Zij heeft haar zetel in de gemeente Houten.  

Artikel 2 De vereniging heeft ten doel de beoefening van het bridgespel. Zij tracht dit doel te bereiken door de gewone leden, jeugdleden, aspiranten en ereleden gelegenheid te bieden het bridgespel te beoefenen door het organiseren van wedstrijden, cursussen, oefeningen, het deelnemen aan competities en wedstrijden en verder door al hetgeen voor de beoefening van het bridgespel nuttig kan worden geacht.  

Artikel 3 De vereniging is opgericht op 31 januari 1984 en aangegaan voor onbepaalde tijd. Het verenigingsjaar loopt van 1 januari t/m 31 december.   LEDEN, JEUGDLEDEN, ASPIRANTEN, ERELEDEN EN BEGUNSTIGERS  

Artikel 4

  1. De vereniging kent gewone leden, jeugdleden, aspiranten, ereleden en begunsti­gers. Waar in deze statuten wordt gesproken over leden worden daaronder alleen verstaan de gewone leden, tenzij het tegendeel blijkt.
  2. Leden in de zin der wet zijn gewone leden en jeugdleden.
  3. Jeugdleden zijn zij die de leeftijd van 25 jaar nog niet bereikt hebben. Een jeugdlid wordt gewoon lid zodra hij de leeftijd van 25 jaar bereikt heeft.
  4. Aspiranten zijn zij die de leeftijd van 18 jaar nog niet bereikt hebben. Een aspirant wordt jeugdlid zodra hij de leeftijd van 18 jaar bereikt heeft.
  5. Ereleden zijn zij die wegens hun buitengewone diensten jegens de vereniging of wegens hun buitengewone verdiensten in het kader van de doelstelling van de vereniging door de algemene vergadering daartoe zijn benoemd. Ereleden worden aangemerkt als gewone leden, doch betalen geen contributie.
  6. Begunstigers zijn zij die zich jegens de vereniging verbinden tot het storten van een jaarlijkse donatie en die als zodanig door het Bestuur van de vereniging zijn toegelaten.

    Artikel 5

  1. Als gewoon lid, jeugdlid, resp. aspirant kan iemand worden toegelaten die daartoe een verzoek bij het Bestuur van de vereniging heeft ingediend. Het Bestuur van de vereniging beslist over de toelating.
  2. Indien het Bestuur van de vereniging iemand niet als gewoon lid, jeugdlid, resp. aspirant toelaat, kan de algemene ledenvergadering alsnog tot toelating beslui­ten.

  Artikel 6   Het lidmaatschap van gewone leden, jeugdleden, aspiranten en ereleden is persoon­lijk en mitsdien niet overdraagbaar.   Artikel 7 Het Bestuur is bevoegd een gewoon lid, jeugdlid of aspirant te schorsen voor een periode van ten hoogste een jaar ingeval hij bij herhaling in strijd handelt met zijn lidmaatschapsverplichtingen of door handelingen of gedragingen het belang in ernstige mate heeft geschaad of indien het Bestuur van de Nederlandse Bridge Bond dit lid heeft geschorst. Gedurende de periode dat hij is geschorst kunnen de aan het lidmaatschap verbonden rechten niet worden uitgeoefend. Indien de schorsing heeft plaatsgevonden op grond van een besluit tot schorsing van het Bestuur van de Nederlandse Bridge Bond voornoemd, heeft de geschorste alleen de rechten van beroep tegen het besluit tot schorsing van het Bestuur van de Nederlandse Bridge Bond als omschreven in de Statuten en het Huishoudelijk Reglement van de Nederlandse Bridge Bond. In alle andere gevallen kan een geschorste tegen het besluit tot schorsing in beroep komen bij de algemene verga­dering­ van de vereniging.   EINDE LIDMAATSCHAP   Artikel 8

  1. Het lidmaatschap van gewone leden, jeugdleden en ereleden eindigt:                   a. door overlijden

b. door opzegging door de vereniging of door de betrokkene c. door royement

  1. Opzegging van het lidmaatschap door gewone leden, jeugdleden en ereleden kan slechts geschieden tegen het eind van een verenigingsjaar. Zij geschiedt door een schriftelijke kennisgeving, die uiterlijk vier weken voor de laatste dag van het verenigingsjaar in het bezit van het Bestuur van de vereniging moet zijn. Het Bestuur van de vereniging is verplicht de ontvangst van deze opzegging binnen acht dagen schriftelijk te bevestigen. Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigings­jaar. Zij geschiedt door een schriftelijke kennisgeving door het Bestuur van de vereniging die uiterlijk vier weken voor de laatste dag van het verenigingsjaar per post moet zijn bezorgd.

Indien een opzegging niet tijdig heeft plaatsgehad, loopt het lidmaatschap door tot het einde van het eerstvolgende verenigingsjaar, tenzij degene aan wie wordt opgezegd mocht besluiten en schriftelijk mededelen aan de opzegger dat deze opzegging wordt aanvaard.

  1. Royement kan alleen worden uitgesproken wanneer iemand in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeeld heeft, of indien de betrokkene door het Bestuur van de Nederlandse Bridge Bond is geroyeerd. Het royement geschiedt door het Bestuur van de vereniging, dat de betrokkene ten spoedigste van het besluit tot het royement schriftelijk op de hoogte stelt onder opgave van de redenen die tot dit besluit hebben geleid. In alle ander gevallen kan betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het royement in beroep gaan bij de algemene vergadering. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is de betrokkene geschorst. Indien het royement heeft plaatsgevonden op grond van een besluit van het Bestuur van de Nederlandse Bridge Bond voor­noemd, heeft de geroyeerde alleen de rechten van beroep tegen het besluit van het Bestuur van de Nederlandse Bridge Bond, als omschreven in de Statuten en het Huishou­delijk Reglement van de Nederlandse Bridge Bond.
  2. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar, ongeacht de reden of oorzaak, eindigt blijft desalniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel door de betrokkene verschuldigd, tenzij het Bestuur anders besluit.
  3. Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op aspiranten.

  GELDMIDDELEN   Artikel 9

  1. De geldmiddelen der vereniging bestaan uit de contributie van de gewone leden, de jeugdleden, de aspiranten, de donaties van de begunstigers, uit entreegelden en uit erfstellingen, legaten of schenkingen en tenslotte uit eventuele andere baten.
  2. Jaarlijks wordt door de algemene vergadering tijdens de jaarvergadering vastgesteld welke contributies door de gewone leden, de jeugdleden en de aspirantleden verschuldigd zijn en of een entreegeld verschuldigd is en zo ja, welk entreegeld nieuwe gewone leden, jeugdleden en aspirantleden moeten betalen.
  3. De algemene vergadering kan afwijkende contributies vaststellen voor verschil­lende categorieën gewone leden (zoals bijv. gezinsleden). Tevens kan de algeme­ne vergadering regels vaststellen voor de incasso van de contribu­ties.

  BESTUUR   Artikel 10

  1. Het Bestuur van de vereniging bestaat uit ten minste drie personen. Het aantal bestuurders wordt vastgesteld door de algemene vergadering.
  2. De bestuurders worden door de algemene vergadering uit de leden der vereni­ging benoemd. Het Bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester aan en regelt onderling eventuele nadere taakverdeling.
  3. De algemene vergadering kan een bestuurslid schorsen of ontslaan indien zij daartoe termen aanwezig acht. Voor een besluit daartoe is een meerderheid vereist van tenminste twee derden der geldig uitgebrachte stemmen.
  4. De bestuurders zijn bevoegd te allen tijde zelf hun ontslag te nemen, mits dit schriftelijk geschiedt met een opzeggingstermijn van ten minste drie maanden.
  5. Jaarlijks treedt een bestuurslid af volgens een door het Bestuur op te maken rooster. De afgetredene is terstond herkiesbaar.

  Artikel 11

  1. Het Bestuur is belast met het besturen der vereniging. Alle bestuurders gezamen­lijk, alsmede de voorzitter en de secretaris gezamenlijk, zijn bevoegd de vereni­ging in en buiten rechte te vertegenwoordigen. De bestuursleden kunnen zich daarbij door een schriftelijke gemachtigde doen vertegenwoordigen.
  2. Voor het beschikken over bank- en girosaldi is de handtekening van de penning­meester voldoende. Hij kan daarbij vervangen worden door de voorzitter of de secretaris gezamenlijk met één bestuurslid.

  JAARVERGADERING KASCOMMISSIE   Artikel 12

  1. Binnen zes maanden na afloop van elk verenigingsjaar wordt een algemene vergadering (jaarvergadering) gehouden. Het Bestuur brengt in deze vergadering zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van de nodige bescheiden, reke­ning en verantwoording van zijn in het afgelopen boekjaar gevoerde beleid.
  2. De algemene vergadering benoemt jaarlijks, doch uiterlijk dertig dagen voor de jaarvergadering, een commissie van ten minste twee leden, die geen deel mogen uitmaken van het Bestuur, tot onderzoek van de rekening en verantwoor­ding over het lopend casu quo laatst verstreken boekjaar. De commissie brengt ter jaarvergadering verslag uit van haar bevindingen. Vereist het onderzoek bijzon­dere boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie zich door een deskundige doen bijstaan.
  3. Het Bestuur is verplicht aan deze commissie alle door hem gewenste inlichtingen te verschaffen, desgewenst de kas en de waarden der vereniging te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
  4. Goedkeuring door de algemene vergadering van het jaarverslag en de rekening en verantwoording strekt het Bestuur tot decharge.
  5. Indien de goedkeuring van de rekening en verantwoording wordt geweigerd, benoemt de algemene vergadering een andere commissie bestaande uit ten minste drie leden, welke een nieuw onderzoek doet van de rekening en verant­woording. Deze commissie heeft dezelfde bevoegdheden als de eerder benoemde commissie. Binnen een maand na de benoeming brengt hij aan de algemene vergadering verslag uit van zijn bevindingen. Wordt ook dan de goedkeu­ring geweigerd, dan neemt de algemene vergadering al die maatrege­len welke door haar in het belang van de vereniging nodig geacht worden.

  ALGEMENE VERGADERINGEN   Artikel 13

  1. De Algemene Ledenvergaderingen worden bijeengeroepen door het Bestuur met inachtneming van een termijn van acht dagen. De bijeenroeping geschiedt door een aan alle leden, jeugdleden, aspirantleden, ereleden en begunstigers te zenden schriftelijke mededeling. Deze schriftelijke mededeling kan vervangen worden door een mededeling op het in de speelgelegenheid van de vereniging aanwezige mededelingenbord.
  2. Behalve de in artikel 12 bedoelde jaarvergadering zullen Algemene Ledenverga­deringen worden gehouden zo dikwijls het Bestuur zulks wenselijk acht, alsmede zo dikwijls zulks schriftelijk met opgave van de te behandelen onderwerpen wordt verzocht door ten minste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van een tiende gedeelte der stemmen in de algemene vergadering­, indien daarin alle leden tegenwoordig of vertegenwoordigd zijn.
  3. Na ontvangst van een verzoek als in lid 2 bedoeld, is het Bestuur verplicht tot bijeenroeping ener algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek tot bijeenroeping binnen veertien dagen nadat dit door het Bestuur werd ontvangen geen gevolg wordt gegeven, zullen de verzoe­kers zelf tot die bijeenroeping overgaan op de wijze waarop het Bestuur de algemene vergadering bijeenroept.

  Artikel 14

  1. Alle gewone leden, jeugdleden, aspiranten, ereleden en begunstigers hebben toegang tot de algemene vergadering. De begunstigers en aspiranten hebben geen stem. De gewone leden, jeugdleden en ereleden hebben ieder één stem. De jeugdleden hebben geen passief stemrecht zolang zij niet meerderjarig zijn. Een stemgerechtigde is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigde andere stemgerechtigde.
  2. Een stemgerechtigde heeft geen stemrecht over zaken die hem, zijn echtgenoot of één van zijn bloed- of aanverwanten in de rechte lijn betreffen.
  3. Een eenstemmig besluit van alle stemgerechtigden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het Bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.

   

  1. Stemming over zaken geschiedt mondeling, over personen schriftelijk. Het aannemen van voorstellen bij acclamatie is mogelijk, mits dit geschiedt op voorstel van de voorzitter.
  2. Over alle voorstellen betreffende zaken wordt beslist bij volstrekte meerderheid der uitgebracht stemmen, hieronder te verstaan meer dan de helft, voorzover de statuten niet anders bepalen. Bij staking van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Bij stemming over personen is hij gekozen, die de volstrekte meerderheid der uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien niemand die meerderheid heeft verkregen, wordt een tweede stemming gehouden tussen de personen, die het grootste aantal der uitgebrachte stemmen hebben verkregen en is hij gekozen, die bij die tweede stemming een gewone meerderheid der uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien bij die tweede stemming de stemmen staken, beslist het lot. Onder stemmen worden in dit artikel verstaan geldig uitgebrachte stemmen, zodat niet in aanmerking komen blanco en met de naam van het stemmend lid ondertekende stemmen.
  3. Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel dat een besluit is genomen, is beslissend. Indien echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan wordt betwist, vindt een nieuwe stemming plaats wanneer een gewone meerderheid der vergadering, of indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezi­ge dit verlangt.

  Artikel 15

  1. De voorzitter van het Bestuur leidt de vergadering. Bij zijn afwezigheid of ontstentenis zal een der andere Bestuursleden als leider der vergadering optre­den.
  2. Van het ter algemene vergadering verhandelde worden door de secretaris of door de voorzitter aangewezen lid der vereniging notulen gehouden.

  STATUTENWIJZIGING   Artikel 16

  1. Wijziging van de Statuten kan slechts plaats hebben na een besluit van de algemene vergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat daarin wijziging van de Statuten zal worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering moet ten minste veertien dagen bedragen.
  2. Zij, die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen vóór de dag der vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgestel­de wijziging(en) woordelijk is (zijn) opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de gewone leden, jeugdleden, ereleden en begunstigers ter inzage leggen tot na de afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.
  3. Tot wijziging van de Statuten kan slechts worden besloten door een algemene vergadering waar ten minste twee derden van het totaal aantal stemgerech­tigden der vereniging aanwezig of vertegenwoordigd zijn, met een meerderheid van ten minste twee derden van het aantal uitgebracht stemmen.

  Artikel 17 Het in artikel 16 bepaalde is niet van toepassing indien ter algemene vergadering­ alle stemgerechtigden aanwezig of vertegenwoordigd zijn en het besluit tot Statuten­wijziging met algemene stemmen wordt aangenomen.   Artikel 18 De Statuten en wijzigingen in de Statuten treden onmiddellijk in werking na aanvaar­ding door de algemene vergadering en passering door de notaris.   Artikel 19 Een bepaling dezer Statuten, welke de bevoegdheid tot wijziging van één of meer andere bepalingen beperkt, kan slechts worden gewijzigd met inachtneming van gelijke beperking.   ONTBINDING VEREFFENING   Artikel 20

  1. Behoudens het bepaalde in artikel 50 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt de vereniging ontbonden door een besluit daartoe van de algemene vergadering, genomen met ten minste twee derden van het aantal geldig uitge­bracht stemmen in een vergadering waarin ten minste drie vierden van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

 

  1. Bij gebreke van het quorum kan ongeacht het aantal ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde stemgerechtigden tot ontbinding worden besloten op een volgende, ten minste acht dagen doch uiterlijk dertig dagen na de eerste te houden vergadering, met een meerderheid van twee derden van het aantal uitgebrachte stemmen.
  2. Bij de oproeping tot de in de leden 1 en 2 van dit artikel bedoelde vergadering moet worden medegedeeld dat ter vergadering zal worden voorgesteld de vereniging te ontbinden. De termijn voor oproeping tot zodanige vergadering moet ten minste veertien dagen bedragen.
  3. Indien bij een besluit tot ontbinding te dien aanzien geen vereffenaars zijn aangewezen, geschiedt de vereffening door het Bestuur.
  4. Een eventueel batig saldo zal na overleg met het College van Burgemeester en Wethouders van Houten worden aangewend voor door de algemene vergaderin­g te bepalen doeleinden die het meest met het doel der vereniging overeen­stem­men.
  5. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de Statuten en reglementen, voorzover mogelijk, van kracht. In stukken en aankondigingen, die van de vereniging uitgaan, moeten aan haar naam worden toegevoegd de woorden ‘in liquidatie’.

  HUISHOUDELIJK REGLEMENT   Artikel 21

  1. De algemene vergadering kan bij huishoudelijk reglement nadere regels geven omtrent het lidmaatschap, de introductie, het bedrag der contributies en entree­gelden, de werkzaamheden van het Bestuur, de vergaderingen, de wijze van uitoefening van het stemrecht, het beheer en gebruik van het gebouw der vereniging en alle verdere onderwerpen waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.
  2. Wijziging van het Huishoudelijk reglement kan geschieden bij besluit van de algemene vergadering, indien dit schriftelijk wordt verzocht door tenmin­ste een derde gedeelte van de stemgerechtigden der vereniging.
  3. Het Huishoudelijk reglement zal geen bepalingen mogen bevatten die onverenig­baar zijn met de dwingende bepalingen van de wet, met deze Statuten of met Statuten en reglementen van de Nederlandse Bridge Bond, gevestigd te Utrecht.

    Artikel 22 In gevallen waarin deze Statuten of het Huishoudelijk reglement niet voorzien, beslist het Bestuur.